• info@drosinstallatietechniek.nl

Auteur archief

inbouwtoilet

Zelf een inbouwtoilet plaatsen doe je zo!

Een inbouwtoilet wordt ook wel een zwevend toilet genoemd en is een trend die de laatste jaren is komen opzetten. Een zwevend toilet is als het ware in de muur geplaatst. Ze zijn erg praktisch, aangezien je bij het schoonmaken van het toilet gewoon onder het toilet door kunt dweilen. Het is een doe het zelf klus, maar je kunt het ook aan een klusjesman besteden als je bang bent het hele toilet anders te verbouwen.

  1. De waterleiding afsluiten

Het is heel belangrijk dat je eerst de waterleiding afsluit en het oude toilet leeg laat lopen voordat je deze weg gaat halen. De afvoer van een inbouwtoilet zit in de achterwand, hier moet je rekening mee houden als je oude toilet geen inbouwtoilet was. Een waterleiding van minimaal twaalf millimeter moet lopen tot het reservoir.

  1. Het frame op de goede hoogte plaatsen

De standaard zithoogte voor een toilet is veertig centimeter, gemeten vanaf een vloer die al afgewerkt is. Plaats het frame op de juiste hoogte. Het is belangrijk om eerst goed de handleiding te bestuderen en niet te snel te werk te gaan, het is natuurlijk erg belangrijk dat het frame waterpas is.

  1. De afvoer en het reservoir

Snijd de toiletafvoer op maat. Het is handig om deze in te smeren met bijvoorbeeld vaseline, dit zorgt ervoor dat deze gemakkelijker te monteren is. Als je de afvoer hebt bevestigd kun je het waterreservoir plaatsen. Hoe dit precies moet verschilt per toilet, kijk dus in de handleiding hoe dit werkt.

  1. Draadeinden

De draadeinden houden de pot op het frame. Om de lengte hiervan te bepalen doe je de dikte van de toilet en de dikte van de afwerkwand samen met vijftien millimeter. Zo lang zouden jouw draadeinden moeten zijn.

  1. Afwerkwand

Het frame en het waterreservoir wil je natuurlijk afwerken, dit doe je met een ombouwwand. Deze kun je maken van watervast materiaal, het ligt aan jezelf wat je prettig vindt. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor watervast multiplex of gipsplaat. Teken de plaat af, zaag hem op maat en zet deze in de muur.

  1. Aansluiten

Als het goed is heb je een isolatiemat bijgeleverd gekregen, knip deze op maat. Vervolgens schuif je de pot over de aangebrachte draadeinden en kun je hem vastzetten. Hierna kun je het bedieningspaneel aanbrengen, doe dit weer volgens de gebruiksaanwijzing.

Het is verstandig om het toilet even door te spoelen, zo weet je zeker dat deze niet lekt. Hierna kun je het toilet nog even netjes afwerken met een rand kit, zo is je toilet klaar voor gebruik.        

 

Totaal
isoleren en ventileren.v1

Isoleren en ventileren

Een woning verliest warmte via ramen, muren, dak en vloer. Wanneer je je huis goed isoleert, blijft de warmte beter binnen en bespaar je al gauw tot € 1000,- per jaar energiekosten. En daar kan je toch hele leuke dingen voor doen! Door je woning tevens goed te ventileren, heb je minder last van gezondheidsklachten, tocht en condens op de ramen. Kortom: meer isolatie en ventilatie betekent meer comfort en vooral besparing!

Kijk eerst naar de leeftijd van je huis

Wanneer je vindt dat de isolatie van je huis beter kan, begin je met het maken van een inventarisatie. Daarbij kun je de leeftijd van je huis als uitgangspunt nemen.

Wanneer je huis dateert van vóór 1920, heeft deze vaak geen spouwmuur. Een spouwmuur is een muur met een open ruimte (de spouw) tussen de buiten- en binnenmuur. Aan de dikte van de muur bij de ramen kun je zien of er een spouwmuur aanwezig is.

Ook een huis dat tussen 1920 en 1975 gebouwd is, is bij de bouw niet conform de hedendaagse eisen en normen geïsoleerd. Hoewel deze huizen wel een spouwmuur hebben, is de spouw vaak niet voorzien van isolatiemateriaal. Het is daarom raadzaam isolatiemateriaal aan te brengen. Voor deze oude huizen geldt dat de vorige eigenaar het wellicht zelf heeft geïsoleerd. De moeite waard dus om navraag te doen.

Bij huizen die tussen 1975 en 1983 zijn gebouwd, kun je ervan uit gaan dat het dak en de gevels (buitenmuren) zijn geïsoleerd. Door de energiecrisis begin jaren ’70 kwam de wereld erachter dat energie niet oneindig is. Nederland ging isoleren, want de oude huizen hadden gaten en kieren en dus ook flinke tocht.

Komt je huis uit het bouwjaar 1983 of jonger, dan is je huis vaak voldoende geïsoleerd en zal jezelf weinig tot niets hoeven te isoleren.

Naden en kieren

Wanneer je de inventarisatie hebt gedaan, kun je een plan voor het isoleren van je woning maken. Begin met het dichten van naden en kieren. Deze veroorzaken warmteverlies en tocht in huis en geven een onaangenaam gevoel. Met tochtstrips en ander materiaal, zoals kit, kun je deze openingen eenvoudig dichten. Maar pas op dat je niet ieder gat en iedere kier dichtstopt. Door gebrek aan kieren, gaten en andere openingen kunnen vocht en verontreinigde lucht het huis niet meer uit, met als gevolg dat er schimmels ontstaan die het binnenklimaat verslechteren. Het aanbrengen van ventilatie is een goede oplossing.

Ventilatie

In een geïsoleerd huis is goede ventilatie nodig. Een gemiddeld gezin produceert twaalf liter vocht per dag door ademen, koken, douchen en het drogen van de was. Dat vocht moet worden afgevoerd. Een vochtig binnenklimaat en gebrek aan frisse lucht zijn namelijk niet goed voor de gezondheid. Door goed te ventileren kan de vervuilde lucht worden afgevoerd en zorg je voor een gezondere luchtkwaliteit.

Maak dus tegelijk met een isolatieplan ook een ventilatieplan. Door goed te isoleren en te ventileren creëer je een comfortabel en gezond klimaat in je huis

bron: https://www.allesoverbouw.nl/

Totaal
isolatie.v1

Isolatie

Isolatie voorkomt dat warmte (of geluid) naar buiten glipt of kou naar binnen. Er zijn diverse manieren om te isoleren. Denk aan vloerisolatie, leidingisolatie en – hieronder beshreven – glasisolatie.

Dubbelglas

Wanneer we het over isolatie hebben, dan is de toepassing van dubbelglas voor ramen het eerste waaraan we denken. Dubbelglas zorgt voor warmte- en geluidsisolatie.

Isolerend of dubbelglas is een uit twee of meer ruiten samengestelde eenheid dubbelglas. De afstand tussen de ruiten wordt door middel van profielen aan de rand verkregen. Met behulp van een dubbel afdichtingssysteem ontstaat een hermetisch afgesloten eenheid. Tussen de glasbladen zit lucht of een ander gas.

Warmte-rendement

Stellen we de hoeveelheid warmte die via een ruit naar buiten wordt afgegeven op 100%, dan blijkt dat bij een vast raam 70% daarvan via het glas verdwijnt, 20% door kieren en naden en 10% via het houten raamkozijn. Bij een draairaam nemen de kieren en naden 60% voor hun rekening. Met kit en afdichtingsband kun je heel wat warmte vasthouden. Het verlies van die kostbare warmte kan zeker tot de helft worden teruggebracht door dubbele beglazing.

Kruisroeden

Deze beglazing maakt het mogelijk ook ramen met roeden (ramen verdeeld in vakjes) van een isolerende beglazing te voorzien, door inbouw van kleine glasroeden in de spouwruimte van de dubbele beglazing. Deze beglazing met kruisroeden biedt:

– het isolerend vermogen van de traditionele isolerende beglazing;

– de inbouw van witte glasroeden in de spouw tussen de twee glasbladen.

Extra isolerend isolatieglas

Extra Isolerend glas bestaat uit twee bladen floatglas met daar tussen een speciaal gas dat betere isolerende eigenschappen heeft dan lucht. Bovendien zijn de glasbladen aan een kant voorzien van een laagje metaaloxyde, waardoor het stralingsaandeel in de warmte-overdracht belangrijk wordt gereduceerd. Ten opzichte van gewone dubbele beglazing wordt hierdoor soms een zodanige energiebesparing bewerkstelligd, dat die de (geringe) hogere investering ruim rechtvaardigt.

KOMO-keur voor dubbelglas

Let bij aanschaf op dat de fabrikant van isolerend glas een KOMO-certificaat heeft. Alleen dan ben je er zeker van dat het product voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen.

Opvulschuim

Opvulschuim is geschikt voor het opvullen en volschuimen van horizontale en verticale voegen, naden en kieren, openingen rondom ramen, deuren, tussen dakelementen, dakpannen, binnenwanden, vloeren, plafonds, doorvoergaten van leidingen en kabels, voor het inbedden en isoleren van leidingen bij sanitair en verwarmingsinstallaties. In het algemeen voor het opvullen van open ruimten ten behoeve van thermische en/of geluidsisolatie. Opvulschuim heeft een uitstekende hechting aan de meeste bouwmaterialen.

Tijdens het verhardingsproces zet het schuim drie- á viervoudig uit, zodat holten keurig worden opgevuld. Verwerk- en spuitbaar bij lage temperaturen zonder kwaliteitsverlies.

Als naden en kieren volledig worden gesloten, moet er wel tegelijkertijd worden gezorgd voor een gecontroleerde aanvoer van verse en afvoer van gebruikte lucht. Met goed verstelbare uitzetraampjes en met regel- en afsluitbare ventilatieroosters in de buitenmuur kunnen luchttoevoer en – afvoer worden gestuurd.

bron: Huisinspiratie.nl

 

Totaal
zonneboiler

Zonneboiler

Een zonneboiler bespaart energie. Zo’n voorziening springt zuiniger om met brandstoffen en draagt bij aan de vermindering van de uitstoot van schadelijke gassen. Voor een gezin dat gas gebruikt voor de verwarming van water, scheelt dat de helft, zelfs al beschikt het over een HR-combiketel. Voor wie een elektrische boiler had en overschakelt op een zonneboiler, is het verschil nog groter. Een besparing die is terug te zien op de energierekening.

Opbouw

Het belangrijkste onderdeel van de installatie is de zonnecollector. Deze vangt de zonnewarmte op. Het is eigenlijk een zwarte plaat, aan de onderkant geïsoleerd, en aan de bovenkant afgedekt met glas. Door de collector stroomt water. Als de zon schijnt, wordt de plaat zó heet, dat deze het water verwarmt. Dit opgewarmde water stroomt vervolgens naar een opslagvat, dat zich in de woning onder het dak bevindt.

Zelfs als het enigszins bewolkt is, wordt licht in warmte omgezet en werkt de zonneboiler.

Soorten

Er is voor iedereen een geschikte zonneboiler. Voor grote gezinnen, voor tweepersoons huishoudens, voor kleinbehuisden, ongeacht of het om een bestaande woning of om nieuwbouw gaat. Er schijnt echter niet altijd genoeg zon om het water te verwarmen tot bijvoorbeeld 60 °C. Daarom dient een zonneboiler te worden aangesloten op een gewoon warmwatertoestel dat in zo’n geval het water bijverwarmt

Een standaard zonneboiler bestaat uit een collector van circa 3 m² en een los voorraadvat van 80 à 120 liter. Het collectorwater wordt rondgepompt in een gesl

oten circuit dat zijn warmte via een warmtewisselaar aan het leidingwater afgeeft.

Een standaardzonneboiler heeft een cv-ketel met tapspiraal nodig als naverwarmer. Een compacte zonneboiler is een zonneboiler waarbij het leidingwater direct in een goed geïsoleerde collector wordt verwarmd. Er is geen apart voorraadvat nodig. De watervoorraad bedraagt 70 tot 170 liter. Een compact zonneboiler heeft een combiketel nodig als naverwarmer.

Een cv-zonneboiler is een standaardzonneboiler met een extra warmtewisselaar in het voorraadvat. Het vat heeft een inhoud van ongeveer 100 tot 240 liter. De extra warmtewisselaar is aangesloten op de cv-ketel. Er is dus geen aparte naverwarmer nodig. Een cv-zonneboiler werkt in principe op elke cv-ketel. Een variant op dit systeem is de elektrische zonneboiler, waarin het leidingwater wordt bijverwarmd door een elektrisch element. Er is dan geen cv- ketel nodig. In een zonneboilercombi, een grote cv-zonneboiler, zijn het voorraadvat en de cv-brander geïntegreerd. De warmte in het vat wordt dus gebruikt voor tapwaterverwarming en voor centrale verwarming, in gescheiden circuits. Een zonneboilercombi is daarmee warmwatertoestel en cv-ketel in één.

zonneboiler installeren

Rendement

Bij de aanschaf van het naverwarmingstoestel is het verstandig te kiezen voor een toestel zonder waakvlam en met een hoog opwekkingsrendement; bijvoorbeeld een verbeterd-rendement (VR) of hoog-rendement (HR) toestel. Verder is het aan te bevelen een toestel te nemen met een lage taptemperatuur (55-65 °C), waardoor de dekkingsgraad van de zonneboiler maximaal is.

Tenslotte kun je beter volstaan met één opslagvat (of twee gecombineerde, zoals in een duoboiler), omdat meer vaten meestal een groter energieverlies geven.

Milieu

Een zonneboiler bespaart ook geld. De extra investering meegerekend – een zonneboiler is nu eenmaal duurder dan een badgeiser of een elektrische boiler – blijkt die besparing echter gering te zijn. De zorg voor het milieu is een beter argument dan de financiële opbrengst. Essentieel bij het gebruik van een zonneboiler is de energiebesparing en een vermindering van de milieubelasting. Hoeveel energie een zonneboiler jaarlijks bespaart, is niet exact te becijferen. Daarvoor zou je immers precies moeten weten hoeveel warm water je gaat gebruiken, hoeveel zonnestraling er op de collector gaat vallen en hoeveel energie er in de referentiesituatie – de situatie voorafgaand aan het moment waarop een zonneboiler wordt geïnstalleerd – nodig geweest zou zijn. Een globale berekening van de besparing is wèl te maken.

Een huishouden van vier personen bespaart al gauw 150 m3 gas per jaar. Dat is niet alleen een gevolg van minder brandstof, maar ook van minder verbrandingsgassen. Alleen al aan CO2, dat het broeikaseffect veroorzaakt, scheelt dat 270 kg per jaar. Voor een toestel met geïntegreerde naverwarming geldt nog een belangrijk argument. Zo’n zonneboiler geeft warm water met behoud van de leidingdruk van het tapwater. Dat is heel wat comfortabeler dan het dunne straaltje uit een geiser. De precieze opbrengst van een zonneboiler hangt af van technische factoren, zoals kwaliteit en oriëntatie van de collector, maar vooral van het gedrag van de bewoners van het huis. Wie veel warm water gebruikt, bespaart meer dan gemiddeld kubieke meters gas. Daar staat tegenover dat wie zuinig omspringt met warm water, een groter aandeel van de verwarmingsenergie uit de zon haalt. Voor hen die gewend zijn aan een doorstroomtoestel, zoals een badgeiser, heeft de zonneboiler een extra voordeel: comfort. Net als een gewone boiler geeft een zonneboiler dag en nacht een sterke straal warm water.

bron: https://woonaanrader.nl/

Totaal